Wat is fijn stof / fijnstof?

Fijnstof is een verzamelnaam voor in de lucht zwevende deeltjes, die sterk kunnen variëren in grootte, samenstelling en oorsprong. Meestal wordt fijnstof gekarakteriseerd als PM10: stofdeeltjes (‘Particulate Matter’) met een diameter kleiner dan 10 μm die bij inademing in de luchtwegen en longen terecht kunnen komen. Dit PM10-stof bestaat uit een groot aantal deeltjes die sterk kan variëren in grootte, oorsprong en chemische samenstelling. De grovere fractie uit het PM10-stof (tussen de 2,5 µm en de 10 μm) bestaat vooral uit deeltjes die het gevolg zijn van mechanische processen en opwaaiend bodemstof. De fijnere fractie, deeltjes met een diameter kleiner dan 2,5 μm (PM2,5), kan bij inademing dieper in de luchtwegen en longen doordringen. Deze fractie bestaat vooral uit deeltjes die het gevolg zijn van verbrandingsprocessen, waaronder dieselroet. Ook bevat deze fractie zogenaamde secundaire aerosolen; deeltjes die in de lucht zijn gevormd uit gasvormige componenten waaronder NO2, NH3 en SO2. 

De precieze samenstelling van het PM10 en PM2,5-stof is afhankelijk van tijd, plaats en seizoen. In de praktijk wordt echter meestal niet gekeken naar de samenstelling, de PM-concentratie wordt uitgedrukt op basis van het gewicht van het stof en uitgedrukt in μg/m3 of in het aantal deeltjes per volume-eenheid (m3). 

Bij het indelen van fijnstof in soorten wordt onderscheid gemaakt in grootte van de deeltjes:
PM10: deeltjes met een aerodynamische diameter kleiner dan 10 micrometer (PM = Particulate Matter)
PM2,5: deeltjes met een aerodynamische diameter kleiner dan 2,5µm (micrometer) = 0,0025 mm
 

 

Sinds juni 2008 is een EU-richtlijn 'Luchtkwaliteit' van kracht geworden voor fijne stofdeeltjes met een diameter kleiner dan 2,5μm (PM2,5) en10 μm (PM10). Deze normen zullen vanaf 2015 van kracht worden.

Wat is de herkomst van fijnstof en hoe word je eraan blootgesteld?

Vooral het verkeer (41%), de industrie (22%) en de landbouw (20%) zijn bronnen van fijnstof. Fijnstof ontstaat als gevolg van verbrandingsprocessen in bijvoorbeeld auto’s (vooral dieselmotoren), elektriciteitscentrales en stookinstallaties. Maar het kan ook een gevolg zijn van de op- en overslag van bijvoorbeeld kolen, erts en graan én van slijtage van autobanden en wegen.

Huishoudens leveren ook een aanzienlijke bijdrage door onder meer het stoken van allesbranders en open haarden, het roken van sigaretten en autorijden. De roetdeeltjes die vrijkomen bij het stoken van bijvoorbeeld een open haard hebben een relatief hoog gehalte aan schadelijke stoffen als gevolg van onvolledige verbranding. Bovendien vindt deze vorm van uitstoot plaats in de directe leefomgeving en op leefhoogte. Tenslotte kan fijnstof een natuurlijke oorsprong hebben, zoals opwaaiend bodemstof en zeezout.

In Nederland overschrijden de concentraties fijnstof vooral de normen binnen 100 meter van een drukke snelweg, of binnen 50 meter van een drukke stedelijke weg. In grote gemeenten in Nederland wordt hierdoor tot 10% van de bevolking aan te veel fijnstof blootgesteld. In gemeentes met veel industrie, drukke wegen, havens en in enkele landbouwgebieden in Noord-Brabant en Limburg komen de meeste overschrijdingen voor.

Wat zijn de effecten van fijnstof op de gezondheid?

De lucht van huizen, bedrijven, scholen of praktijkruimtes zijn vervuild met chemicaliën,
organische stoffen en micro-organismen, zoals bacteriën. De neus, keel en longen
worstelen elke dag met deze luchtvervuilers. Deze lucht kan hoofdpijn, rode ogen,
duizeligheid, vermoeidheid en andere kwalen veroorzaken. Eén op de drie mensen heeft wel te maken met allergieën, astma, andere vormen van ademhalingsproblemen of het "sick building syndrome".Astma is de grootste veroorzaker van ademhalingsproblemen bij kinderen.

Het is bekend dat gezondheidsschade vooral optreedt door de kleinere fractie van de deeltjesgrootteverdeling: de PM2,5. Deze deeltjes dringen het diepst door in de longen en richten de meeste schade aan. Deze fractie wordt ook voor een groter deel door mensen veroorzaakt, vooral door wegverkeer en scheepvaart.

Het is niet zo duidelijk wat het effect is van de chemische samenstelling op de grootte van de gezondheidsschade. Sommige mensen zijn gevoeliger voor fijnstof dan anderen, maar het is niet op voorhand aan te geven welke mensen schade zullen lijden. Het is wel aannemelijk gemaakt dat bij een hogere blootstellingsconcentratie en bij een grotere gevoeligheid het gezondheidsrisico groter is. Kwetsbare groepen zijn met name ouderen en personen met hart-, vaat- of longaandoeningen.

De kleine zwevende deeltjes komen bij inademing in de longen terecht. Deeltjes groter dan 10 micrometer (µm) worden door de neus vastgehouden en uitgescheiden via het slijmvlies. In de longen treedt schade op, maar het mechanisme waardoor dit gebeurt is niet precies bekend. De hypothese is dat de kleine deeltjes ontstekingsreacties veroorzaken en de zuurstofopname bemoeilijken. Deze ontstekingsreacties, waarbij radicalen vrijkomen, zijn schadelijk voor het hart. Mogelijk zorgt fijnstof er ook voor dat het bloed viskeuzer wordt, waardoor de kans op een hartinfarct toeneemt. Er zijn neurologische effecten van fijnstof gevonden, waardoor bijvoorbeeld de hartspierfunctie negatief kan worden beïnvloed. Ten slotte worden radicalen geassocieerd met vervroegde veroudering. Bij mensen met luchtwegaandoeningen en hart-en vaatziekten verergert chronische blootstelling aan fijnstof hun symptomen en het belemmert de ontwikkeling van de longen bij kinderen. De normen voor fijnstof worden in Europa op veel plaatsen overschreden, vooral langs drukke wegen.  Studies wijzen uit dat er geen veilige ondergrens is bij blootstelling aan fijnstof: hoe klein de blootstelling ook is, er is een meetbaar schadelijk effect op de gezondheid. De huidige normen zijn derhalve een compromis tussen gezondheidsbelangen en socio-economische belangen.